Eindelijk eens een meevaller uit de hoek waar iedereen zenuwachtig naar keek. Het Amerikaanse inflatiecijfer dat deze week uitkwam, viel lager uit dan gevreesd: de inflatie zakte naar 3,5% op jaarbasis, terwijl de markt op 3,8% rekende.
En de kern-inflatie - dat is de inflatie zónder de grillige energie- en voedselprijzen, en dus de maatstaf waar economen naar kijken - zakte naar 2,6%; het laagste niveau sinds februari.
De markt haalde opgelucht adem. De kans op een renteverhoging door de Amerikaanse Fed volgende maand kelderde ineens van 42% naar 16%.
Maar - en je voelde 'm al aankomen - ik blijf nuchter. Want het cijfer werd vooral omlaag getrokken door een scherpe daling van de energieprijzen, en laat die nou juist begin deze maand alweer aan het opkruipen zijn. Eén zwaluw maakt nog geen zomer. Dit is opluchting, nog geen bevestiging.
Het nieuws is de ruis, het dashboard is het signaal. Dus laten we door die opluchting heen kijken naar wat de data zelf zegt.
Wat er afgelopen week veranderde
Onder de motorkap gebeurde er deze keer wél het een en ander, en het meeste daarvan had niets met stemming te maken.
De opvallendste verschuivingen:
- Edelmetalen zakten door naar een bear market (een aanhoudend dalende trend)
- Een aantal grote technologiefondsen kreeg op het dashboard een negatiever oordeel
- En tegelijk verbreedde de markt zich - de afgelopen weken deden steeds meer aandelen mee met de opgaande trend.
Dat zijn het soort signalen waar ik echt op let.
Het beleggerssentiment kantelde ook wel: het dashboard bestempelt de huidige stemming zelfs als "een mogelijk gunstig moment", simpelweg omdat uitgesproken angst historisch vaker een kans dan een gevaar bleek.

Maar heel eerlijk: sentiment is de ruizigste graadmeter die we hebben. Het springt van week tot week alle kanten op. Ik weeg het daarom bewust licht - het is een voetnoot, geen kompas.
Het grote kader: waar de inflatie nu écht staat
De paraplu waar alles onder valt blijft het macro-plaatje, en deze keer kan ik moeilijk om de inflatie heen, want dat was hét onderwerp van de week. Laat ik het even fatsoenlijk uit elkaar trekken.
De meeste aandacht ging naar dat kopcijfer van 3,5%, maar de echte opsteker zit in de kern-inflatie van 2,6%. De kop danst mee op de energieprijzen en springt alle kanten op; de kern is de rustige onderstroom, en die koelt dus af.

Dat is het goede nieuws.
Het minder goede nieuws: het is nog geen gelopen race. De prijscomponent in de bedrijfsenquêtes staat nog altijd gloeiend heet, en de energiedaling die het cijfer deze maand drukte, was volgens de meeste economen deels tijdelijk.
De Fed hoeft dus even niet aan de rem te trekken - de dreiging van een renteverhoging lijkt eventjes van tafel - maar van een renteverláging is ook nog lang geen sprake. We zitten in een tussenfase.
De rest van de macro geeft trouwens nog steeds rugwind: de geldstromen trekken aan en de economie draait door. Het volledige plaatje staat in het Macro Dashboard.
De markten: de kloof tussen winnaars en verliezers
Onder de macro-paraplu doen de markten hun eigen ding, en het is leerzaam om te zien hoe groot de verschillen zijn geworden.
Bovenaan de benchmark-tabel op de Markten-pagina staan cybersecurity (+22% over de maand), cloud computing (+16%) en biotech (+15%) - en na het inflatiecijfer kwamen daar de chips als een speer bij.
Maar aan de onderkant is het minder rooskleurig: waterstof leverde 27% in, blockchain-aandelen 25%, zeldzame aardmetalen 23% en zonne-energie 19%. Dat is een enorme kloof binnen één en dezelfde markt.
Toch blijft de breedte gezond: meer dan tweederde van de S&P500 en Europa (Stoxx 50) doet mee met de opgaande trend, dus het is geen smal feestje van een handvol reuzen.

Eén ding om in de gaten te houden, want het valt me op: onder de oppervlakte kregen deze week juist een aantal Nasdaq-technologiefondsen een negatiever oordeel op het dashboard.
De rally aan de bovenkant en die afzwakking eronder bijten elkaar een beetje - het soort spanning dat ik graag volg.
Draait de wind?
De vaste vraag die ik elke keer wil beantwoorden, want de richting van de wind bepaalt veel: staan we risk-on of risk-off - durven beleggers risico nemen, of zoeken ze juist de veilige haven op?
Je leest dat niet aan één cijfer af, maar aan een handvol verhoudingen die samen het beeld schetsen. Je vindt ze allemaal op het Rotaties Dashboard.

Kijk eerst naar de brede gemoedstoestand. De VIX (de "angstmeter" van de markt) staat met bijna 17 punten gewoon laag en rustig.
En de extra rente die beleggers vragen om een risicovollere bedrijfslening aan te durven is nog altijd klein (krap), wat erop wijst dat het vertrouwen in de bedrijven hoog is. Twee groene vinkjes dus.

Maar zodra ik kijk naar wat beleggers de afgelopen periode het ene bóven het andere verkozen, wordt het genuanceerder.
Belangrijk daarbij: dit is een momentopname van wat er al gebeurde, geen voorspelling - het kan volgende week zomaar weer de andere kant op draaien. Een paar verhoudingen die me opvielen:
- De saaie, defensieve aandelen (denk aan nutsbedrijven en dagelijkse boodschappen) deden het de afgelopen weken iets beter dan de cyclische aandelen, die het juist van een draaiende economie moeten hebben. Dat is doorgaans een teken van lichte voorzichtigheid.
- Geld schoof de afgelopen periode van de opkomende markten naar de gevestigde markten - beleggers kozen dus voor de veiliger gewaande hoek.
- En tegelijk begonnen een handvol grote techreuzen (de "Magnificent 7") weer voor te lopen op de brede markt, terwijl speculatief cryptogeld juist plaatsmaakte voor de meer onderbouwde software- en AI-namen.
Zet je dat naast elkaar, dan zag je geen paniek, maar wél een markt die stilletjes wat kieskeuriger werd.

En dat past bij het laatste puzzelstuk: de momentum-meter, die de risicohonger van beleggers meet, staat al 94 dagen in de "offensieve" stand maar verloor afgelopen weken fors terrein.
En toch staan we inmiddels gewoon nog risk-on, maar het enthousiasme koelde af en beleggers werden de afgelopen weken selectiever. Geen omslag, wel een duidelijke verschuiving in de ondertoon.
Een typische "mid cycle slowdown"?
Crypto en edelmetalen: twee kanten op
Crypto blijft in de accumulatie-fase - de rustige opbouwfase waarin partijen voorzichtig posities inslaan. Bitcoin schommelt rond de $63.700. Toevallig ging de laatste podcast over Ethereum en een paar nieuwe megatrends, dus als je in dat kamp zit is die aflevering de moeite waard.
Bij de edelmetalen is het beeld deze week juist verslechterd: goud en zilver zakten weg en het dashboard verschoof zijn oordeel naar een heuse "bear market" - oftewel een aanhoudend dalende trend.

Dat klinkt naar, maar dit soort fases is historisch vaak het moment waarop de bodem gelegd wordt. Ik blijf het volgen zonder er nu conclusies aan te verbinden.
De week vooruit
De grote macrocijfers van deze week hebben we gehad, dus de blik gaat vooruit. Volgende week donderdag komt het rentebesluit van onze eigen Europese Centrale Bank, en ondertussen loopt het cijferseizoen op volle toeren door met een rits grote bedrijven.
En denk aan het seizoen: juli is historisch juist een van de sterkere maanden, maar augustus is doorgaans mager en september vaak ronduit zwak. Iets om in het achterhoofd te houden, zonder er je hele plan op te bouwen.
Samengevat: de inflatie gaf deze week mee, en dat lucht op. De onderstroom blijft positief en de geldstromen geven rugwind. Maar de kern-inflatie is nog niet laag genoeg om achterover te leunen, de risicobereidheid nam de afgelopen weken af, en de kloof tussen de winnaars en verliezers is groot.
Kortom: een goede week, maar geen reden om je nuchterheid te verliezen. Je hoeft mij niet op mijn woord te geloven, want je kunt het elke dag zelf volgen via het DLT Dashboard.
Tot de volgende update!